Richard Rogers,
Complete Works. Volume 1
 |
Richard Rogers is niet blij met de recente verbouwing van het
Centre Pompidou in Parijs. Hij vindt dat het oorspronkelijke concept
geweld aan is gedaan met onder meer de introductie van liften
teveel in het zicht. Samen met Renzo Piano was Rogers in 1971
verantwoordelijk voor het ontwerp van het futuristisch ogende
kunstcentrum dat uiteindelijk in 1977 de deuren open. Trappen
als slangen tegen de gevel geplakt! De staalconstructie als een
kooi in het zicht gelaten! Verwarmingsbuizen die als ornament
de gevel sierden! Het sloeg in als een bom. Le Corbusier had het
in de jaren twintig al over een gebouw als een machine. Rogers
& Piano gaven hun gebouw het uiterlijk van een raffinaderij.
Hun naam was gemaakt. Maar de samenwerking tussen Piano en Rogers
liep met de voltooiing van het Centre Pompidou ook op zijn eind.
Twee grote geesten hadden een moderne ikoon geschapen, maar beide
geesten moesten ook op eigen houtje verder om hun geestesbeelden
de ruimte te geven. Piano zou niet meer zo letterlijk de high-tech
kanten van zijn gebouwen exposeren. Hij ging het meer zoeken in
elegante en subtiel geometrische sculpturale vormen.
Rogers echter bleef het stijlmiddel trouw. Aansluitend aan het
Centre Pompidou ontwierp hij Lloyd's of Londen (1978-1986), zijn
tweede grote meesterwerk. Midden in het hart van het Financial
District van Londen torent de stalen reus boven de andere gebouwen
uit. Opnieuw liggen alle 'service'-onderdelen vol in het zicht.
Trappen die als stalen wokkels omhoog cirkelen op de hoekpunten.
Het stalen frame dat de constructie vormt aan de buitenkant van
de vliesgevel, in plaats van erachter, zoals bij kantoorgebouwen
gebruikelijk is. En alle ventilatieschachten en verwarmingsbuizen
als verticale ornamenten opgenomen in het exterieur. Een remake
van het Centre Pompidou, maar dan nog complexer, nog extremer,
nog verbeeldingsrijker.
Dit eerste deel van 'The Complete Works' van Richard Rogers stopt
in het jaar na de oplevering van Lloyds. In de tussentijd heeft
Rogers natuurlijk talrijke andere bouwwerken gemaakt, maar allemaal
zijn ze gestoeld op de beeldtaal van de grote twee. Voor een 'Centre
Commercial' bij Nantes (1986-87) ontwerpt de Engelsman een dak
dat hangt aan enorme gifgroene kabels verbonden aan even groene
hoge staanders. Alsof je naar een haven vol viermasters kijkt.
Voor een laboratorium van Princeton University (1982-85) ontwerpt
hij zo mogelijk nog geprononceerdere, felrode staanders waaraan
het dak hangt. Onderin de driehoekige spanten houden de installaties
zich als bovenmaatse insecten schuil. Het is duidelijk bij Rogers:
constructie is architectuur. En we kunnen er volop van genieten
in dit zeer uitvoerig gedocumenteerde boek vol fraaie kleurenfotografie.
 |
Robbert Roos
april 2000
|